Achterste kruisbandletsel

Een achterste kruisband kan oprekken of afscheuren, letsel van de achterste kruisband is een ernstig knieletsel. Letsel van de achterste kruisband ontstaan door een fors trauma van de knie, waarbij het onderbeen geforceerd naar achteren wordt bewogen.

Klachten

Letsel van de achterste kruisband is altijd het gevolg van een trauma. Dit betekent dat de klachten ontstaan door bijvoorbeeld een ongeluk of val. Meestal wordt direct gevoeld dat er iets niet klopt. Tevens kan er een knappend geluid te horen zijn geweest.

Bij letsels waarbij de gehele achterste kruisband is afgescheurd, is binnen enkele minuten een dikke knie waar te nemen. Na enkele dagen neemt deze zwelling af en zijn er na enkele weken geen klachten meer aan de knie. Om deze reden ontstaan functionele klachten als gevolg van een achterste kruisbandletsel vaak pas veel later.

Er zijn twee soorten klachten die later kunnen ontstaan als gevolg van achterste kruisband letsel.

  • Het gevoel door de knie te zakken.
  • Klachten van de knieschijf (zie patellofemorale klachten)

Het gevoel door de knie te zakken is vaak aanwezig bij het trap aflopen. Letsel van de achterste kruisband geeft minder klachten dan letsel van de voorste kruisband, waardoor de klachten pas veel later als hinderlijk worden ervaren.

Achteraanzicht

knie-3

Anatomie

Als we de knie van voren bekijken, bevinden de kruisbanden zich in het midden van de knie. De achterste kruisband ligt dan achter de voorste kruisband. Deze begint aan de buitenzijde van het scheenbeen en loopt schuin naar boven, naar binnen en naar achteren. Hij zit vast op de binnenzijde van de knie op het bovenbeen.

De kruisbanden zijn met elkaar verweven en met het gehele kapsel van de knie. De kruisbanden zorgen voornamelijk voor de voor-achterwaartse stabiliteit en de rotatoire stabiliteit (het opvangen van draaibewegingen). De achterste kruisband zorgt er voornamelijk voor dat het onderbeen niet te ver naar achteren kan bewegen ten opzichte van het bovenbeen.

Bij elke hoek die de knie maakt zijn de kruisbanden op spanning. Hierdoor blijven de gewrichtsvlakken van het bovenbeen en onderbeen continu met elkaar in contact. Hierdoor  is de stabiliteit van de knie optimaal.

Schuinachteraanzicht

 akb1

Oorzaak

Letsel van de achterste kruisband ontstaat doordat het onderbeen geforceerd naar achteren beweegt bijvoorbeeld tijdens een auto ongeluk (knie tegen het dashboard). Achterste kruisbandletsel kan ook voorkomen bij contactsporters, wanneer het onderbeen naar achteren wordt getrapt door een tegenstander.

De achterste kruisband kan ook oprekken of scheuren bij een ernstige strekking van de knie, bijvoorbeeld wanneer de knie naar achteren doorbuigt bij de landing van een sprong.

Doordat de achterste kruisband de sterkste band van de knie is, zien we vaak dat er combinatieletsel aanwezig is. Door de ernst van  het trauma kunnen andere structuren ook beschadigd raken. Bij letsel van de achterste kruisband zien we vaak dat bijkomend de banden aan de buitenzijde van de knie en meniscus beschadigen.

De achterste kruisband scheurt maar zelden van het bot af en is meestal opgerekt, waardoor de continuïteit in tact blijft. Door de oprekking van de achterste kruisband, staat deze niet meer altijd onder spanning bij elke kniebeweging. Hierdoor hebben de gewrichtsvlakken niet continu contact met elkaar waardoor instabiliteitklachten, gevoel van doorzakken en patellofemorale klachten kunnen ontstaan.

Diagnose

Naar aanleiding van het patiëntverhaal en voornamelijk de manier waarop het ongeval plaatsvond, wordt er lichamelijk onderzoek verricht. De fysiotherapeut heeft enkele tests om te kijken of de achterste kruisband beschadigd is.

Bij verdenking van achterste kruisbandletsel wordt er aanvullend onderzoek aangevraagd in de vorm van een MRI. Hierbij wordt de achterste kruisband in beeld gebracht. De MRI is niet altijd betrouwbaar als er alleen een verrekking van de achterste kruisband aanwezig is. De MRI is wel van belang bij scheuren en om ander letsel op te sporen.

Tijdens de diagnosestelling wordt er ook gevraagd naar eventuele tintelingen of gevoelsverlies van het onderbeen. Dit geeft namelijk een goed beeld van de lokalisatie van het letsel in de knie.

Behandeling

De behandeling van de achterste kruisband is afhankelijk van het stadium waarin de diagnose gesteld wordt.

Bij acuut letsel, binnen 2 weken na het trauma, kan de achterste kruisband weer herstellen bij een adequate aanpak door middel van een gipskoker. Op deze manier wordt het onderbeen gefixeerd ten opzichte van het bovenbeen zodat de achterste kruisband weer kan genezen.

De gipskoker moet 6 weken gedragen worden. Tijdens deze 6 weken mag de knie gedeeltelijk belast worden. De fysiotherapeut kan u hierin begeleiden en de revalidatie na deze 6 weken voortzetten. De totale revalidatie duurt enkele maanden en is gericht op het herstellen van de kniefunctie en conditie van het been.

Chronisch achterste kruisbandletsel

We spreken al na 2 weken van chronisch achterste kruisbandletsel, hierna kan de achterste kruisband niet meer vanzelf herstellen. Klachten die voorkomen bij chronisch achterste kruisbandletsel zijn voornamelijk instabiliteit en het gevoel van door de knie zakken.

Ook kunnen knieschijfklachten ontstaan doordat het onderbeen ten opzichte van het bovenbeen naar achteren staat en de knieschijf hierdoor overbelast wordt. In veel gevallen wordt er geen functionele beperking ervaren bij verlies van de achterste kruisband.

Als de diagnose later dan 2 weken na het ongeval gesteld wordt, start er een periode van revalidatie bij de fysiotherapeut om de stabiliteit en kniefunctie te herstellen. Hierbij wordt vaak een traject van minimaal 3 maanden aangehouden.

Als dit niet afdoende werkt wordt door middel van een brace gekeken of een eventuele operatie zinvol is. De brace positioneert het onderbeen wat naar voren ten opzichte van het bovenbeen. Als dit de klachten verlicht kan een operatie worden ondergaan.

Vaak komt een patiënt na enkele maanden of soms jaren bij de fysiotherapeut door problemen van de knie die het gevolg zijn van het verlies van de achterste kruisband. Zoals knieschijfklachten of instabiliteit. Hierbij geldt hetzelfde traject als boven beschreven.

Een operatie van de achterste kruisband is vele malen ingrijpender en complexer dan een operatie van de voorste kruisband. Om deze reden wordt er met de patiënt altijd goed overlegd over de mogelijkheden en risico’s.

Als uiteindelijk na overleg toch wordt overgegaan op een operatie, dan wordt deze door middel van een kijkoperatie uitgevoerd. Bij deze operatie hoort een opnameduur van 2-3 dagen. Na de operatie blijft het been voor 3 weken in een gipskoker zitten.

Na de gipskoker krijgt u een brace en moet deze minimaal 3 maanden gedragen worden. Deze brace dient dag en nacht gedragen te worden om oprekking van de achterste kruisband te voorkomen. Na 3 maanden mag deze brace af en mag de revalidatie bij de fysiotherapeut intensiever worden uitgevoerd.

De totale revalidatie duurt evenals de revalidatie van de voorste kruisband 9-12 maanden. Maar door de gipskoker en brace geeft dit revalidatie traject, zeker in het begin, veel meer beperkingen.